Els zwartwitZeven jaar geleden werd mij gevraagd of ik coördinator van het netwerk Palliatieve Zorg in deze regio wilde worden. Zonder opleiding in de zorg, maar mét persoonlijke ervaringen, heb ik daar volmondig ‘ja’ op gezegd. Al snel ontdekte ik dat mensen die palliatieve zorg geven, dat met grote bevlogenheid doen.

Hierdoor werden juist zij mijn drijfveer om me als netwerkcoördinator in te zetten voor het verder verbeteren van de palliatieve zorg. Ik wilde er graag aan bijdragen dat al deze mensen ‘aan het bed’ hun werk zo goed mogelijk kunnen doen.

Nu werd mij onlangs gevraagd naar de ‘kopstukken in de palliatieve zorg’ in onze regio. Zonder aarzelen somde ik een aantal namen op van zorgverleners in de palliatieve zorg. Kopstukken volgens mijn eigen definitie, waarbij ik besef dat die niet helemaal overeenkomt met die van de Dikke Van Dale. Die stelt dat een kopstuk een ‘op de voorgrond tredende figuur’ is.  

Waarom zijn deze mensen voor mij kopstukken? Niet per se omdat ze bekend zijn in de wereld van de gezondheidszorg. Ook niet omdat ze artikelen publiceren in wetenschappelijke tijdschriften en al helemaal niet omdat ze op de voorgrond treden. Voor mij zijn ze een kopstuk omdat, als ik ooit zelf afscheid van het leven moet nemen, ik deze mensen in alle vertrouwen aan mijn bed wil hebben. Omdat ik hen de zorg volledig toevertrouw. Omdat ik weet dat zij naar me luisteren. Ze horen en begrijpen me. Ze laten me in mijn waarde en ze steunen, begeleiden en informeren me waar nodig. En bovenal brengen ze enorm veel kennis, ervaring én bevlogenheid mee.

Ik heb het besluit genomen om te stoppen met mijn werk als coördinator van het Netwerk Palliatieve Zorg. Per 5 november treed ik terug, maar het netwerk gaat door. Het blijft zich ontwikkelen en inspannen voor de palliatieve zorg in de regio. Ik laat het dan ook met een gerust hart achter, in de handen van alle kopstukken die zich daar zo hard voor inzetten!